De roep van het water

Het verhaal van de pad die op reis ging

Barnaby de pad leefde rustig onder een dik pak dode bladeren in het bos bij Eygelshof. Het was er donker en vochtig. Precies zoals hij het fijn vond. Hij zat vaak stil en keek naar wat er om hem heen gebeurde.

In februari veranderde er iets. De lucht werd zachter, de winter liep te einde. Diep vanbinnen voelde Barnaby een sterke drang. Hij wist het: het is tijd! Hij rook het water al. De poelen in het gebied riepen hem. Het was begonnen: de paddentrek. In deze periode verlaten padden hun schuilplek in het bos. Ze trekken naar het water om zich voort te planten. Dat doen ze elk jaar opnieuw, precies op dezelfde plek waar ze zelf ooit zijn geboren.

En Barnaby was niet de enige. Overal in het bos kwamen padden tevoorschijn. Langzaam, stap voor stap, begonnen ze aan hun tocht. Meestal doen ze dat in de avond of ’s nachts, als het vochtig is en veiliger om te lopen.

Barnaby keek naar de helling voor zich, het was een lange weg. ‘Ben ik daar niet te oud voor?’ mompelde hij zacht. Op dat moment kwam er een oude pad naast hem zitten. Haar huid liet zien dat ze al veel lentes had meegemaakt. ‘Het is niet altijd makkelijk’, zei ze. ‘Maar zonder onze tocht is er geen nieuw leven in de poel. Wij horen bij het water’. Dat gaf Barnaby moed. Hij zette zijn eerste stap uit het bos.

De reis was zwaar. Hij moest een grindpad oversteken en goed opletten voor roofdieren, zoals een buizerd die hoog in de lucht cirkelde. Soms bleef hij stokstijf zitten, zodat niemand hem zag. Andere padden trokken met hem mee. Sommigen droegen al een partner op hun rug. Samen gingen ze verder. Steeds dichter zag hij het water glinsteren. Vlak bij de oever lag een ringslang in het gras en Barnaby bevroor. Hij bleef stil zitten en vertrouwde op zijn schutkleur. Gelukkig gleed de slang voorbij zonder hem op te merken.

En toen, met een laatste sprong, plonsde Barnaby in het water. Wat hij hoorde was geen lawaai, maar een feest van geluid. Overal kwaakten padden. Dit was het doel van hun reis. Hier zouden ze zorgen voor nieuw leven. Zijn taak was volbracht.

Na een tijdje verliet Barnaby het water weer. De paddentrek is een tocht heen én terug. De poel is voor het begin van nieuw leven. Het bos is weer zijn thuis. Toen de zon opkwam boven de heuvels, leek alles rustig. Maar onder water gebeurde er veel. Uit de eitjes groeiden kleine kikkervisjes.

Barnaby kroop terug onder de bladeren waar hij zich veilig voelde. Hij sloot zijn ogen en voelde: hij was niet zomaar een pad. Hij had bijgedragen aan de kringloop van het leven. Net als zoveel andere dieren op Eygelshof. En volgend jaar, als de lucht weer zacht wordt en het water roept, begint de reis opnieuw. De cirkel van het leven gaat altijd door.

Geplaatst in Natuur